Archive for the ‘Nederland’ Tag

Here a MOOC, There a MOOC, Everywhere a MOOC MOOC

Vandaag is het dan zo ver: de eerste UvA-MOOC gaat vanmiddag live. De laatste berichten melden dat er ca. 2.600 inschrijvers zijn, waarvan het overgrote deel (zo’n 70%) uit Nederland afkomstig is. Over een week of acht zullen we weten hoevelen er de eindstreep gehaald hebben en wat hun oordeel is over deze, in onvervalste marketingtaal, wereldprimeur. Nee, niet van een MOOC maar wel van een MOOC Communication Studies en dan ook nog gehost op een eigen UvA-platform.

Vanmiddag om 16.00 uur is het launching event:

UvAMOOC

Na de UvA volgen in de komende maanden de Universiteit Leiden en de Technische Universiteit Delft met hun eigen MOOCs.

Advertenties

Nieuwe bron, nieuwe kansen

Zo’n kleine 20 jaar geleden publiceerde ik een biografische schets van de doopsgezinde predikant Christiaan Nicolaas Wybrands, uiteraard in de Doopsgezinde Bijdragen. Deze schets is het buitenbeentje in een verder redelijk coherente publicatielijst. Waarom heb ik hem dan geschreven? Zoals altijd is dat een kwestie van geld. Bij zijn overlijden in 1913 heeft Wybrands namelijk een legaat aan zijn alma mater, de Universiteit van Amsterdam, nagelaten waarvan de renteopbrengsten aangewend dienden te worden voor de boekencollectie van de UB. Van 1989 tot 1997 was ik voor de jaarlijkse besteding daarvan (ca. 2000 €) verantwoordelijk, hetgeen een mooie reden was om ook de legator een keer voor het voetlicht te brengen.

Een heel eenvoudige zaak was dat destijds niet. Afgezien van enkele korte lemmata in biografische woordenboeken was het vooral een (overigens heel leuke en leerzame) speurtocht in de rijke collecties van de UB. Menige band is destijds voor mij uit het magazijn opgehaald, waarna ik na korte raadpleging alles weer linea recta terug kon sturen omdat mijn studieobject er toch niet in terug te vinden was of er toch niet in gepubliceerd bleek te hebben.

Ik moest hier aan denken toen ik afgelopen week het bericht over de nieuwe KB-website Tijdschriften 1850-1940 onder ogen kreeg. Bijna automatisch voerde ik de zoekterm ‘Wybrands’ in, net zoals ik bij meer internationale zoeksystemen standaard altijd een keer op ‘Bouvet’ zoek (maar daarover een andere keer). Binnen no time vond ik meer, en leukere, verwijzingen dan ik destijds na maandenlang ook leuk maar soms ook frustrerend geploeter in catalogi en gedrukte bibliografieën bijelkaar wist vinden. Zo blijkt Wybrands niet zijn gehele bibliotheek aan de UB nagelaten te hebben, maar is er een deel na zijn dood via antiquariaat R.W.P. de Vries te koop aangeboden, en blijkt het de toenmalige rijksarchivaris Robert Fruin zelf geweest te zijn die zeven jaar na diens dood Wijbrands’ afscherming van zijn bronnen hekelde met “Een historicus, wien het meer om eigen roem den om bevordering der historische kennis te doen was.” Als ik overigens wil weten welke boeken van Wybrands precies geveild zijn in 1916, dan moet ik me in Leiden bij de bibliotheek van het KITLV vervoegen; dat dan weer wel.

Nog wat 21e eeuwse kanttekeningen bij deze onmiskenbare vooruitgang? Vooruit nog twee:

OCR, het blijft behelpen. Je zult mij niet horen zeggen dat de KB niet moet doen wat ze op dit moment voor Nederlandse begrippen op mega-schaal aan het doen is: digitaliseren! Maar blijf er vooral rekening mee houden dat het nog wel eens mis gaat. Dit was het resultaat van mijn eerste zoekactie op Wijbrands:

Wijbrands

En tja, er is tegenwoordig toch geen boek meer out-of-print, althans geen boek uit het publieke domein? Direct leverbaar door onze eigen Amsterdamse Atheneaum-boekhandel: een vers-van-de-pers exemplaar van Wybrands Het Amsterdamsche Tooneel Van 1617-1772 uit 1873. Van uitgeverij Kessinger Publishing uit Whitefish, Montana. Mag ik dat in het huidige tijdsgewricht een “predatory publisher” noemen? Of loop ik dan het gevaar een proces aan m’n broek te krijgen? Ook overigens verkrijgbaar via eBay: “Brand New: A new, unread, unused book in perfect condition with no missing or damaged pages.”

Wijbrands2Wijbrands3

Weekendvitaminen #51

Op het nachtkastje

Beeld van de week

MOOC

Ook de Nederlandse universiteiten storten zich op de MOOCs, de Massive Open Online Courses. Gisteren stond de Leidse Universiteit uitgebreid in de pers met de meer dan 10.000 deelnemers die zich inmiddels aangemeld hebben voor de online cursus The Law of the European Union.  Vandaag maakt de UvA trots bekend dat over een paar weken de eerste MOOC Communication Science ter wereld van start gaat. De inschrijving is geopend…

Weekendvitaminen #49

Op het nachtkastje

Beeld van de week

Geinig. En met dank aan Stephen Abram.

Weekendvitaminen #42

Op het nachtkastje

Beeld van de week

De adoptie van e-books in Nederland blijkt sneller te gaan dan in de Verenigde Staten. Althans, dat is de stelling van Timo Boezeman in een blogpost deze week.

We zijn een paar jaar later begonnen, maar groeien nu harder.

Ik moest daar aan denken toen we tijdens een landelijk overleg deze week moesten constateren dat bij een strikte controle van de verplichte tentamenliteratuur die de diverse Nederlandse universiteiten aan hun studenten voorschrijven in de dagelijkse praktijk vaak slechts een bescheiden percentage van tussen de 10 en 15% daadwerkelijk digitaal beschikbaar blijkt te zijn. Het blijft dus noodzakelijk goed onderscheid te maken naar de verschillende e-books marktsegmenten. En het ‘alles-is-toch-digitaal-beschikbaar’-ideaal blijft vooralsnog een verleidelijke stip aan de horizon.

Her Master’s Voice

Ruim een maand geleden alweer lanceerde de Universiteit van Amsterdam haar nieuwe website; het eindresultaat van een meerjarig project. De bibliotheek participeerde vanaf het begin in dat project en kwam dus ook tegelijk met de moederinstelling met een vernieuwde website. Daarmee werd afscheid genomen van een succesvolle homepage van de bibliotheek, die altijd op veel positieve reacties kon rekenen. Vanaf die homepage kon je namelijk letterlijk met één muisklik bij alle belangrijke diensten en zoekmogelijkheden die de UB aanbood. Die homepage maakte overigens geen onderdeel uit van het vorige content management systeem waarop de universitaire website gebouwd was, maar was een aparte html-pagina die in feite voor het cms was geplaatst (die oude homepage is overigens al uit de lucht, maar is gelukkig nog via de Wayback Machine gewoon op te roepen). Kroon op de homepage was the tabbed multi-search box, in een recent artikel over website design van universiteitsbibliotheken de de facto standaard genoemd.

In datzelfde artikel wordt een interessante analyse gegeven van het ruimtegebruik op 50 websites van Amerikaanse universiteitsbibliotheken en lezing ervan kan ik iedereen aanraden. Hier gaat het mij met name om een opmerking in het artikel die slechts zijdelings gemaakt wordt. Deze nl.:

The researchers recognize that some institutions require the library to use the university Web site header, usually for uniformity across the institution’s entire Web site. Because this requirement has the potential to negatively affect a library’s design options, the researchers checked how many pages had this requirement. Upon review, only 4.1 percent of libraries were affected, and this small number did not appear to alter the results in any way that the researchers felt required further investigation.

Hoe zit dan nu eigenlijk bij de Nederlandse universiteitsbibliotheken? Ik vroeg me dat vooral af omdat wij ons in het recente vernieuwingsproject zo nauwkeurig en netjes mogelijk aan de vormgeving en andere vereisten van de universitaire moedersite hebben geconformeerd (niet alleen wat betreft de header). Klik nu van de homepage van de UvA op ‘Bibliotheek’ en de homepage vloeit als het ware bijna onzichtbaar over in de homepage van de bibliotheek. Mooi om te zien.

Bij alle Nederlandse UBs is het niet anders: de site van de bibliotheek is geheel uitgevoerd volgens de vormgeving en in de huisstijl van de universiteit zelf. Dat betekent in de praktijk dus binnen die vormgeving en huisstijl je bibliotheekdiensten en -informatie zien te positioneren, en dat valt in de praktijk lang niet altijd mee. We hadden bij ons vorige cms tenslotte niet voor niets gekozen voor die homepage-buiten-het-cms-om.

Hoe anders is het dus bij Amerikaanse universiteitsbibliotheken. Die trekken zich in de regel niets aan van de website van hun moederinstelling, maar maken gewoon iets uitgaande van hun eigen ideeën over wat een goede website is. Met af en toe natuurlijk wel een knipoog naar of lippendienst aan de universitaire website (m.n in de kleurstelling). Maar kijk eens naar onderstaande, betrekkelijk willekeurig gekozen voorbeelden (doorklikken kan):

Yale

MIT

Stanford

Duke

NCSU

Hamvraag is natuurlijk: hoe is dat fundamentele verschil te verklaren? Laat ik een voorzichtige poging doen:

  • vanuit hun professionaliteit zijn Amerikaanse bibliotheken (bibliothecarissen) veel meer geneigd uit te gaan van hun eigen kracht en kiezen zij zelfbewust(er) voor de positionering van de bibliotheek als onderdeel van, maar niet ondergeschikt aan, de universiteit
  • marketing en PR is bij Amerikaanse bibliotheken veel verder ontwikkeld dan bij de Nederlandse UBs, met meer kennis van zaken en meer expertise in huis zodat het opzetten en onderhouden van een eigen website een haalbare kaart is
  • (meer speculatief) wij zijn meer van polderen en compromissen sluiten, Amerikanen meer van vasthouden aan eigen standpunten
  • een veel hiërarchischer en centralistischer universitaire organisatiecultuur in Nederland waarin communicatie-afdelingen zich kunnen positioneren als hoeder van het corporate image en toepassing universiteitsbreed kunnen afdwingen (’t zou me overigens wel verbazen als dit de hoofdreden zou zijn)

Andere ideeën?

Weekendvitaminen #39

Op het nachtkastje

Beeld van de week

En lees de bijbehorende blogpost van David Smith.

“The future of information isn’t about refinements in search and retrieval sprinkled with dustings of presentation magic. It’s about active systems; predictive systems; things that model and monitor what a person is doing and accessing (watch as Google Goggles reads the academic paper at the same time as you do), and how we’ll build and deliver to those systems.”

Mag ik hier nog even op terugkomen?

Het overkomt me wel vaker: je schrijft een blogpost, een paar dagen (of soms weken) later wil je er nog iets aan toevoegen en wat doe je dan? Meestal kies ik er dan voor een reactie op mijn eigen post te geven, soms laat ik het maar voor wat het is. Maar deze keer heb ik er voor gekozen er een apart bericht aan te wijden. Er is namelijk voldoende om op terug te komen.

*bloos* (22 augustus 2012)
Het onderzoek van OCLC waar ik in dit bericht aan refereerde (en dat zo positief voor mij was uitgepakt) is inmiddels van de nodige kanttekeningen voorzien, om het eufemistisch uit te drukken. Gerard Bierens besteedde er eerst twee pagina’s aan in Digitale Bibliotheek en vervolgens een bericht op z’n eigen blog. In de commentaren werd hij bijgevallen: wat denkt OCLC wel niet op basis van 152 respondenten (wie? hoe representatief?) allemaal te kunnen concluderen? OCLC’s Cathy de Rosa liet zich daardoor echter niet tegenhouden om op de OCLC contactdag op 2 oktober jl. de resultaten van het onderzoek nog eens breed uit te meten. De groep Nederlandse respondenten bleek er zo uit te zien:

Alle presentaties van de contactdag zijn inmiddels beschikbaar.

Darnton Discusses DPLA (27 september 2012)
Van Robert Darntons lezing over de Digital Public Library of America in de Amsterdamse Singelkerk is een verkorte versie van 10 minuten nu beschikbaar.

Nederland Discoveryland (24 mei 2012)
Ten opzichte van een maand of vier geleden is het beeld over de keuze voor een discovery tool door Nederlandse wetenschappelijke bibliotheken zo langzamerhand uitgekristalliseerd. Delft houdt het bij haar eigen product, in Utrecht zit men nog midden in de afweging of er überhaupt nog wel een discovery tool nodig is en voor de rest is de Nederlandse ‘markt’ verdeeld door drie producenten; EBSCO vist voorlopig achter het net met haar EBSCO Discovery Service.

Primo – ExLibris

Summon – Serials Solution

  • Erasmus Universiteit Rotterdam – sEURch
  • Technische Universiteit Eindhoven – Focus
  • Radboud Universiteit Nijmegen – RUQuest
  • Universiteit Maastricht – Maastricht Summon

WorldCat Local – OCLC

  • Tilburg University – Get it!
  • Rijksuniversiteit Groningen
  • Koninklijke Bibliotheek

Het overzicht van de hogeschoolbibliotheken is er nog niet.

Whatever Happened to the Ngram Viewer? (18 september 2012)
Maarten Marx, de man achter de site Political Mashup en de politieke Ngram Viewer (op basis van de gedigitaliseerde Handelingen van de Staten Generaal), is genomineerd voor de Nederlandse Dataprijs 2012, de gezamenlijke prijs van DANS en 3TU.Datacentrum.  Op 18 oktober is de bekendmaking van de prijswinnaars.

Open Access (nou ja, bijna) (24 september 2012)
Toen ik mijn recensie schreef van Peter Subers Open Access kende ik niet de blogpost van Kent Anderson op The Scholarly Kitchen over Subers boek en de ‘verwijten’ die hij Suber maakt voor het niet principieel kiezen voor het open access aanbieden van zijn boek maar te kiezen voor een embargo van een jaar bij MIT Press. Door vakantie mis je nu eenmaal wel eens iets en in dit geval ook nog eens 80 reacties. Ik blijf me erover verbazen: de emoties die door open access opgeroepen worden, bij voor- én tegenstanders. Op de Liblicense lijst gaat het op dit moment ook weer van dik hout zaagt men planken. Zonde van al die energie.

Nederland – discoveryland

Hoe staat het eigenlijk met de implementatie van discovery tools bij de Nederlandse universiteitsbibliotheken? Voorzover ik kan nagaan ziet het landschap er op dit moment als volgt uit:

Primo – ExLibris

Summon – Serials Solution

  • Erasmus Universiteit Rotterdam – sEURch
  • Technische Universiteit Eindhoven – Focus
  • Radboud Universiteit Nijmegen (toegevoegd op 25 mei)

WorldCat Local – OCLC

  • Tilburg University – Get it!

EBSCO Discovery Service – EBSCO

  • nog geen UB

Dat betekent dat Groningen, Nijmegen en Maastricht (nog) geen beslissing hebben genomen, net als de Koninklijke Bibliotheek overigens (al heb ik begrepen dat die beslissing er wel overal aan zit te komen). Delft houdt het vooralsnog op haar eigen discovery tool (Discover) en het allerinteressantst is wellicht de uitkomst van de interne beraadslagingen in Utrecht. Ooit trendsetter met hun in-huis ontwikkelde Omega-zoekmachine, is men nu aan het bekijken of een discovery tool echt nog wel noodzakelijk is. Binnenkort zal tijdens de LIBER-conferentie verslag worden gedaan:

Thinking the Unthinkable: A Library without a Catalogue
In 2011 this very idea was the starting point for reconsidering the future of discovery tools for Utrecht University Library.
Like every other library, we have always offered our users a catalogue. In 2002 we built our own discovery tool aimed at finding electronic journal articles. We called it Omega and it immediately became a huge success. We were able to explain this division to our users. Looking for print material? Search the catalogue. Looking for electronic journals? Search Omega.
In the last few years, things have been changing rapidly. New commercial discovery tools such as Primo and Summon entered the library market and we lost our pioneering role.
Meanwhile more and more users are finding their way to our licensed journals through larger and stronger search engines like Google Scholar: freely available on the Internet and containing massive amounts of scientific material. But our users also switched to databases we paid for such as Web of Science and Scopus. Statistics showed that the use of our library catalogue and Omega was decreasing whereas the use of our licensed journals was still growing.
The time had come to rethink the future of our library discovery tools.
In the summer of 2011, a small study group was formed to start investigating the succession of the catalogue and Omega. Instead of looking for commercial discovery tools, we tried to view the situation from the perspective of our users. They are on the Internet and use Google or Google-like discovery tools. There they find the content they need and next expect the library to deliver the goods. If this is the world of our users, if this is the reality, if big commercial companies are able to offer freely accessible search engines containing scientific content, why then should we do our best to pull our users back to our library catalogue? What will our users be missing if we should decide to leave the discovery side of our services to parties that are far better equipped to build, keep up and constantly update their products? What would happen if we, as a library, should focus on the delivery part of the job?
Starting the investigation from this point of view turned into a thrilling voyage of discovery leading to a bold and unconventional outcome.

Je zou er bijna voor naar Tartu (Estland!) afreizen. 😉

En het zou natuurlijk aardig zijn om dit overzichtje aan te vullen met de ontwikkelingen bij de hogeschoolbibliotheken. Van één weet ik het wel, nl. de HvA die voor Primo heeft gekozen. Maar hoe zit het bij al die andere? Vrijwilliger?

Open Access adepten in de lage landen

Geïnteresseerd in een overzicht van de open access propagandisten in Nederland, althans volgens hun Twitter-berichten? Klik op bovenstaande map en zoom in.