Archive for the ‘gebruikersondersteuning’ Tag

A lady in the library who helps you find things

Met grote regelmaat ben ik in de afgelopen jaren onderstaand resultaat uit een enquête onder Amerikaanse studenten uit 2010 tegengekomen. Het betrof hun antwoord op de vraag Where do you start your search for information? Dit is de wijze waarop de antwoorden op deze vraag in het bekende Redefining the Academic Library terecht kwamen:

RtAL

en dit voorbeeld kan eenvoudig aangevuld worden. De boodschap was ook duidelijk: onze doelgroepen stemmen met hun voeten: ze beginnen hun zoekacties overal behalve op de website van de bibliotheek.

Ik verwacht dat in de komende periode onderstaand beeld met enige regelmaat in presentaties en publicaties opgenomen zal worden. Het is een variant op hetzelfde thema. Dit keer gaat het om de beantwoording van de vraag tot wie studenten, in verschillende stadia van hun studie, zich wenden voor betrouwbare informatie.

Connoway

De tabel komt uit een nieuwe rapportage uit het Visitors & Residents onderzoek, een co-productie van OCLC Research en de universiteiten van Oxford en North Carolina. En ik verwacht hem de komende maanden met enige regelmaat tegen te komen, vergezeld van het commentaar: studenten vragen iedereen om advies, behalve bibliothecarissen, ehh … a lady in the library who helps you find things. ;-(

Advertenties

Weekendvitaminen #47

Op het nachtkastje (Kerst-editie)

Beeld van de week

Aan het eind van dit jaar toch nog maar een keer iets ‘uit eigen doos’. Zo maar gevonden in een kast waarvan de sleutel zoek was, unieke 17e eeuwse koperplaten met Amsterdamse plattegronden. Niet een kast bij ons, maar bij de voormalige Amsterdamse Stadsdrukkerij. Maar de komende weken wel bij ‘ons’ te zien, aan de Oude Turfmarkt:

BC koperplaat

De fysieke bibliotheek, óók voor onderzoekers en docenten

Ik constateerde al in mijn terugblik op de ALA MidWinter dat er bij de Amerikaanse universiteitsbibliotheken veel aandacht was voor het opnieuw aantrekkelijk maken van de fysieke bibliotheek voor facultaire medewerkers: bring faculty back in. Allerlei varianten op de vooral op undergraduates gerichte Information Commons worden op de tekentafel uitgedacht en in toenemende mate ook in de praktijk gebracht. De namen variëren van Research Commons en Teaching Commons tot Faculty Commons en Scholarly Commons, maar allemaal hebben ze gemeen dat er expliciete pogingen ondernomen worden werk- en overlegruimtes in de bibliotheek te creëren waar onderzoekers, docenten, promovendi en master-studenten terecht kunnen voor hun onderwijs- en onderzoeksgerelateerde vragen en voor onderling overleg. Hier een paar voorbeelden:

In het laatste nummer van Library Issues (helaas, niet open access) plaatst Steven Bell deze ontwikkeling in perspectief. Bell is een prominente commentator van actuele ontwikkelingen in de wereld van de universiteitsbibliotheken (op een van zijn eigen blogs of in Library Journal: From the Bell Tower) en momenteel een van de kandidaten voor het ‘presidentschap’ van de ACRL. Bell ziet het nadrukkelijk als een van onze nieuwere opdrachten “to shift the library from the place faculty never have to go to the place on campus they will always want to go.” Gelet op de eraringen van de bibliotheken die hiermee al geëxperimenteerd hebben, stelt Bell dat dit nu toevallig wel eens een voorbeeld is van ‘if you build it they will come’. Maar succes is zeker niet verzekerd, dus een intensieve samenwerking in de planningfase met vertegenwoordigers van de beoogde doelgroep is een essentiële voorwaarde. Temple University, de werkgever van Bell, biedt overigens een dergelijke faculty commons in de bibliotheek nog niet aan. Kansen verkeken op uitverkiezing? 😉

Wat wil de onderzoeker?

Eind juni presenteerde OCLC Research een studie naar de wensen van onderzoekers op het vlak van ondersteuning van hun onderzoeksactiviteiten. In A Slice of Research Life komen 38 Amerikaanse onderzoekers zelf aan het woord. Het rapport heeft weinig sporen nagelaten in de blogosphere, ook niet op Zeemanspraat. Ik heb het rapport wel meteen gelezen toen het verscheen, ijverig aantekeningen zitten maken maar er uiteindelijk geen post aan gewijd. Excuus? Tja, de zomervakantie kwam er tussen.

En wat kan ik nu nog, een paar maanden later, uit m’n krabbels van destijds opmaken?

Coherent beeld van ‘de onderzoeker’; hij heeft weinig tijd, gebruiksgemak staat voorop bij het toepassen van tools; niet geïnteresseerd in perfecte tools; hebben een hekel aan zaken als EndNote en institutional repositories; niemand weet hoe het verder moet met onderzoeksdata; en de bieb? die is onzichtbaar.  (zie vooral p.18)

Het OCLC-rapport vormde de helft van een gezamenlijk Anglo-Amerikaans onderzoek, waarvan de Britse helft uitgevoerd werd door het Research Information Network (RIN). En RIN heeft nu bijna vijf maanden na OCLC het Britse rapport gepresenteerd, Research Support Services in UK Universities. Op dezelfde wijze opgezet als het Amerikaanse rapport worden uit gestructureerde interviews de opinies van Britse onderzoekers van vier verschillende universiteiten gepresenteerd. Het betreft opnieuw dus een relatief kleine populatie, maar door de diepgang wordt in ieder geval een heel herkenbaar, en naar ik verwacht ook representatief, beeld geschetst van wat wetenschappers van ondersteunende diensten (waaronder de bibliotheek) vinden en wat ze (soms) van die diensten verwachten. De kern daarvan wordt in het rapport alsvolgt geformuleerd: “Many, if not most, researchers prefer to conduct their research in their own way, with as little institutional advice and support – or interference – as possible.” Uiteraard besluit het RIN-rapport met de nodige conclusies, die in grote lijnen parallel lopen met die uit het OCLC-rapport. Als ondersteunende diensten, inclusief de bibliotheek, een rol van betekenis willen blijven spelen dan zullen hun diensten user-centered moeten zijn, zo dicht mogelijk bij de onderzoekers aangeboden moeten worden, absoluut geen administratieve rompslomp met zich mee mogen brengen en zullen  informatiespecialisten met voldoende domeinkennis ondergebracht moeten worden bij onderzoeksteams. En dat is alles bijelkaar beslist geen eenvoudige opgave.

Wat wil de onderzoeker? Vooral niet gestoord worden in wat een onderzoeker het liefst doet: onderzoek.

Weekoogst #29

Focus op data
Het beheer van onderzoeksdata wordt als een van de mogelijke, nieuwe taken van de universiteitsbibliotheek gezien. Data curation en data management staan volop in de belangstelling. SURF publiceerde deze week algemene richtlijnen voor het bewaren van onderzoeksdata, een korte checklist waar onderzoekers te rade kunnen gaan. De checklist maakt onderdeel uit van het SURFshare-programma en is tegelijkertijd met nog drie andere rapporten gepubliceerd. Een daarvan trok meteen mijn aandacht, data curation in de kunstgeschiedenis en mediastudies. Ik trof in de managementsamenvatting, vind ik althans, een wat curieuze passage aan: “Publicaties kunnen bijvoorbeeld worden verrijkt met databestanden, en in dat geval kan de wetenschappelijke tekst worden gezien als documentatie bij deze data.” Is dat niet een beetje de omgekeerde wereld?

Storm in glas water
Het was opeens hot news (inclusief de voorpagina van de NRC) afgelopen week: censuur door de gemeente Utrecht. Een masterscriptie zou op verzoek van de gemeente ontoegankelijk gemaakt zijn vanwege voor de gemeente onwelgevallige informatie. Niet alleen de gemeente Utrecht, maar ook de UB Utrecht, werd binnen de kortste keren aan de schandpaal genageld. Terwijl het uiteindelijk slechts bleek te gaan om een ten onrechte vrijgegeven versie waarin namen van personen en bedrijven niet waren geanonimiseerd. Dat verzuim is inmiddels goedgemaakt en op het interne communicatie-blog van de UB wordt teruggekeken hoe deze storm zo snel op kon steken. 

Must read
De waarheid moet gezegd worden en volgens Barbara Fister op de website van Library Journal levert dat verplichte leesvoer op: een nieuw onderzoek in het kader van het Project Information Literacy, een meerjarig onderzoeksproject van de University of Washington. In Truth Be Told wordt verslag gedaan van een onderzoek onder ruim 8.000 Amerikaanse studenten naar hun zoekstrategieën en de problemen die ze ervaren bij het doen van onderzoek. De onderzoekers kunnen daarbij voortbouwen op een soortgelijk onderzoek van een jaar geleden en dat levert opvallende resultaten op. Hieronder een tabel uit het onderzoek:

Ik denk dat we de trend bij Librarians liever de andere kant op zagen gaan. De post van Raymond Snijders deze week over disintermediation sluit hier goed bij aan.

Weekoogst #22

Meten is weten
Dat in de Verenigde Staten bibliotheken onder grote financiële druk staan mag genoegzaam bekend zijn. De noodzaak om elke toegewezen dollar te verantwoorden is daardoor groter dan ooit en de Amerikaanse bibliotheekorganisaties maken er dan ook veel werk van hun aangesloten leden instrumenten in handen te geven om die verantwoording naar behoren te doen. Afgelopen week publiceerde de ACRL een lijvig rapport onder de titel The Value of Academic Libraries. A Comprehensive Research Review and Report. Dezelfde dag kwamen de collega’s van de ARL met een nieuwe SPEC Kit over Impact Measures in Research Libraries.

Bookless library
Met enige regelmaat staat het bericht met een grote kop in de krant (of op het scherm): de eerste echte bookless library is nu geopend. Deze week was het ook weer raak. Het gaat volgens het bericht op Inside Higher Ed om de Applied Engineering and Technology Library van de University of Texas in San Antonio. Er staat geen enkel boek in de bibliotheek en de studenten hebben via het draadloos netwerk toegang, althans volgens het bericht, tot 425.000 e-books en 18.000 elektronische tijdschriftartikelen (dat laatste zal wel tijdschriften moeten zijn). Blijkbaar is dat iets nastrevenswaardigs of modern, bookless. Ik moet er voorlopig nog niet aan denken.

Mobiele diensten
Afgelopen week eindelijk weer eens een teken van blogleven van collega Driek. Hij doet verslag van een studiedag in Engeland over mobiele bibliotheekdiensten en sluit die af met de verwijzing naar een blogpost waarin de nodige twijfels over nut en noodzaak van die mobiele diensten worden belicht. In die post ook een verwijzing naar een staafdiagram over de meest gebruikte mobiele diensten waar ook mijn oog deze week al op gevallen was. Waar de mobiele bibliotheekdiensten in passen is nog lang niet duidelijk.

Open Access in Rotterdam
Ik maakte vorige week al melding van de Open Access week die er aan zit te komen. Meestal wordt die week gebruikt voor het formuleren van allerlei ambities m.b.t. het open access publiceren, maar de rector van de Erasmus Universiteit heeft daar niet op willen wachten. Hij greep de opening van het academisch jaar al aan om een nieuwe doelstelling te formuleren: per 1 januari a.s. moeten alle Rotterdamse onderzoekers hun publicaties aanleveren bij het EUR-repository RePub. “Een aanslag op de monopoliepositie van uitgeverijen”, wordt het in het Rotterdamse Erasmus Magazine genoemd. Dat valt nog te bezien. 

De persoonlijke bibliothecaris
We laten onze gebruikers steeds meer zelf doen in de bibliotheek en proberen onze systemen ook zodanig in te richten dat gebruikers geen ondersteuning meer nodig hebben bij het vinden van de informatie voor hun onderwijs en onderzoek. We zijn er nog lang niet, maar we weten welke richting we op willen (na de bookless library de librarianless library?). Daarom vond ik het zo aardig om deze week te lezen dat Drexel University dit studiejaar begonnen is met alle 2.750 eerstejaars studenten een personal librarian toe te wijzen. Een groep van ruim 20 bibliotheekmedewerkers heeft als taak gekregen persoonlijke ondersteuning te bieden uitgaande van de kennis die zij over het curriculum en vakspecifieke informatiebronnen hebben opgebouwd. In de praktijk betekent dat ruim meer dan 100 studenten per bibliotheekmedewerker, en dan hebben we het alleen nog maar over eerstejaars. Desondanks, een sympathiek plan.