Research Trends onder de loep

Trends

Als je onaardig zou willen doen, zou je zeggen dat het ‘slechts’ een PR-blaadje van een op winst beluste uitgeverij is, het intellectuele broertje van Library Connect dat zich op een algemener publiek van bibliothecarissen richt. Maar is dat terecht? Research Trends heeft tenslotte een goed aangeschreven hoofdredacteur, Henk Moed, en stelt zich ten doel “objective, up-to-the-minute insights into scientific trends based on bibliometric research” te bieden. Dat maakt nieuwsgierig, zeker als het nieuwste nummer van Research Trends zich richt op de geesteswetenschappen.

Aan tabellen, staafdiagrammen en fraaie visualisaties in ieder geval geen gebrek. De mooiste daarvan is wellicht deze van de (citatie-) verbanden tussen geesteswetenschappelijke tijdschriften:

GWtijdschriften

Alleen, die kenden we al, bijvoorbeeld uit de publicaties van Loet Leydesdorff. Niet echt verrassend dus, en dat geldt bijvoorbeeld ook voor de bijdrage over de ontwikkeling van de subsidies voor geesteswetenschappelijk onderzoek. Dat daar in 2009 een neerwaartse omslag in heeft plaatsgevonden zal niemand verbazen. De cijfers in Elseviers eigen databank, SciVal Funding, bevestigen het in ieder geval.

Veel van de bijdragen in Research Trends zijn gebaseerd op data uit die andere Elsevier database Scopus. Dat is enerzijds begrijpelijk, maar beperkt anderzijds de zeggingskracht en reikwijdte van die bijdragen. Als in een van die bijdragen onderzocht wordt wat de ‘leeftijd’ is van de artikelen en boeken die in bepaalde tijdschriften geciteerd worden, gebeurt dat per geesteswetenschappelijke discipline op basis van een selectie van vier tijdschriften. Het klinkt dan wel heel obligaat als in de conclusie wordt gesteld dat onderzoek op basis van een groter steekproef nodig is om de bevindingen nader te toetsen. In een andere bijdrage wordt onderzocht wat de taal van publicatie in geesteswetenschappelijke tijdschriften is. Dat gebeurt op basis van de tijdschriften die in Scopus worden geïndexeerd. Zijdelings wordt vermeld dat in Scopus alleen niet-Engelstalige tijdschriften worden meegenomen als zij in het Engels vertaalde titels en Engelstalige samenvattingen beschikbaar stellen. Zo krijgen je data bij voorbaat al een flinke kleuring mee, maar daar wordt later in het artikel niet meer op teruggekomen.

En zo is er op nog wel wat andere slakken zout te leggen. Een tabel over het aantal jaarlijkse gepubliceerde geesteswetenschappelijke artikelen in de jaren 2007-2011 geeft een verdrievoudiging voor deze periode, voor Nederland bijna een verviervoudiging. Ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat het in die tabel om geesteswetenschappelijke artikelen opgenomen in Scopus gaat, en dat is toch wat anders. In een andere figuur over het gemiddelde aantal referenties per artikel ontbreekt een van de 14 onderscheiden disciplines en in de afsluitende bijdrage (Did you know?) wordt de invloed van Jane Austens Pride and Prejudice op (wetenschappelijk) onderzoek gelijk gesteld aan de 188 artikelen in Scopus waarin een referentie naar het boek is terug te vinden

Gelukkig heb ik toch ook nog een nieuwtje in deze aflevering van Research Trends gelezen: ook Scopus is zich, net als Web of Science, op de boekenmarkt aan het oriënteren. Naast Thomson Reuters Book Citation Index is Elsevier druk bezig met het Books Enhancement Program voor Scopus. Dat richt zich in eerste instantie op zo’n 75.000 boektitels die in 2015 aan de database moeten zijn toegevoegd. Maar ook dat had ik eigenlijk al moeten weten. Elsevier maakt er zelf op de Scopus-website namelijk prominent melding van.

No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: