Fact checking (1): Digital Humanities

Humanities30

Tien dagen geleden hield Rens Bod zijn oratie als hoogleraar Computationele en digitale geesteswetenschappen aan de UvA. In zijn rede met de titel Het Einde van de Geesteswetenschappen 1.0 bezong hij enthousiast als altijd de verworvenheden van het beschikbaar komen van digitale data in de geesteswetenschappen die het eindelijk mogelijk maken de beperkingen van de geesteswetenschappen 1.0 (de hermeneutische geesteswetenschappen van Wilhelm Dilthey) achter ons te laten. Het nieuwe paradigma is de geesteswetenschappen 2.0, waarin dankzij digitale onderzoeksmethoden de zoektocht naar patronen ook in de geesteswetenschappen tot volle wasdom kan komen. Bod ziet daarin overigens niet het einde van een ontwikkeling. Geesteswetenschappen 2.0 zijn niet meer dan een noodzakelijke tussenfase op weg naar de geesteswetenschappen 3.0, waarin het beste uit de voorafgaande fases verenigd zal worden: technologie én reflexie, patronen én interpretatie.

In al zijn enthousiasme meent Bod dat “Door de overweldigende overvloed aan data gaan zelfs de meest traditionele geesteswetenschappers overstag.” Is de wens hier de vader van de gedachte? Wil Bod dit eigenlijk wel, gezien zijn beoordeling van de geesteswetenschappen 2.0 als ‘slechts’ een overgangsfase? En is het feitelijk wel zo dat de geesteswetenschappen en masse, tot en met de meest traditionele beoefenaren, bezig zijn 2.0 eieren voor hun geld te kiezen? Hoe kunnen we de geesteswetenschappen 2.0 de maat nemen?

Inde eerste maand van het jaar organiseren twee van de grootste organisaties van geesteswetenschappers, de Modern Language Association en de American Historical Association hun jaarlijkse congres (respectievelijk in Boston en New Orleans). Met een voor Europese begrippen onvoorstelbaar aantal (grotendeels parallelle) sessies worden hier de laatste ontwikkelingen in een groot aantal geesteswetenschappelijke disciplines gepresenteerd. Ook de digitale geesteswetenschappen ontbreken daar uiteraard niet, maar tijdens de MLA gaat het deze keer om ‘slechts’ 66 van de 795 sessies (8%) en bij de AHA om ca. 45 sessies op een totaal van ongeveer 450 (10%). Heeft digital humanities daarmee vaste grond onder de voeten? Jazeker. Is digital humanities daarmee main stream? Nee, dat is nog teveel gezegd. Zijn zelfs de meest traditionele geesteswetenschappers al overstag? Nee, dat zal nog wel enige tijd vergen.

Maar aan Rens zal het niet liggen. In zijn oratie belooft hij zijn directe collega’s via een crash course een inwijding in de wonderen der digitale humaniora 3.0. Ik hoop dat de cursus als webcollege beschikbaar komt.

No comments yet

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: