Oulu: dag 1

DH2008 vindt plaats in de ruimtes van de faculteit Geesteswetenschappen van de Universiteit van Oulu. De campus van Oulu ligt zo’n 10 kilometer buiten het centrum van de stad maar is goed bereikbaar met het openbaar vervoer. Vandaag ging het echt van start, en dus moesten er keuzes gemaakt worden. Over de komende drie dagen lopen er elke dag vier parallelsessies variërend van paneldiscussies tot presentaties van papers en postersessies. Als ik er voor vandaag één gemeenschappelijk thema uit moet halen, dan is het wel: er worden hele goede en inventieve dingen gedaan, maar de digital humanists slagen er maar niet in (ook volgens henzelf) de waarde van hun onderzoek goed over het voetlicht te brengen, en dat frustreert ze in hoge mate.

Waaruit bleek dat dan? Van die goed en inventieve dingen waren er genoeg voorbeelden. Bijvoorbeeld de pogingen die in het kader van project EDUCE worden ondernomen om de teksten op de verkoolde papyrusrollen uit Herculaneum met behulp van digitale technieken leesbaar te maken zonder de papyrusrollen zelf maar op enige manier nog verder te beschadigen. Of het volledig getagde tekstcorpus Orlando (Britse schrijfsters door de eeuwen heen) dat het mogelijk maakt dwars door alle teksten heen onderlinge relaties tussen schrijfsters, uitgevers, thema’s, plaatsen niet alleen vast te stellen maar ook te analyseren. Het zijn vaak technologische hoogstandjes waar je alleen maar met bewondering naar kunt kijken, en je vervolgens verwonderen over het feit dat het daadwerkelijke gebruik van de resultaten vaak zo gering is en de makers vaak zo weinig krediet krijgen voor hun verrichtingen.

En dat is meteen het bruggetje naar de frustratie en, misschien wat te zwaar aangezet, het zich toch wat miskend voelen door de digital humanists. ‘Quote of the day’: Humanists think it is cheating if they quote the digital copy. En dat wordt door geesteswetenschappers zelf gezegd: zelfs hun eigen collega’s durven eigenlijk niet openlijk uit te komen voor het gebruik van die prachtige digitale resultaten van hun werk. En dat is natuurlijk frustrerend. Dat kwam met name ook bij twee panelsessies naar voren. Wat is de waarde van de resultaten van digital humanities onderzoek? Het kwam allemaal wat navelstaardiger over, alsof er sprake is van een crisis in het vakgebied, zeker ook omdat het een vervolg betrof van een sessie op DH2007 van een jaar geleden en er blijkbaar in de tussentijd nog geen goede antwoorden gevonden zijn. Nu moet ook geconstateerd worden dat het misschien even een beetje tegen zit: in Engeland is bijvoorbeeld de subsidie van de Arts & Humanities Data Service gestopt. Ook het Methods Network krijgt geen vervolg en de funding in het algemeen staat onder druk.

Ook in de ochtendsessie over nut en noodzaak van één internationale humanities portal kwam dat element van frustratie en onzekerheid sterk naar voren. Vorig jaar was hiervoor een werkgroep ingesteld en de conclusie van de werkgroep nu was eigenlijk: nee, dat is geen goed idee, want is er eigenlijk wel behoefte aan? Weten we eigenlijk wel voldoende over de wensen van geesteswetenschappers in het algemeen wat betreft ondersteuning op het terrein van digitale hulpmiddelen voor hun onderzoek? Nee, is de conclusie. En dus vielen termen als needs analysis en bottom-up approach met grote regelmaat. Laten we liever eerst eens goed onderzoeken waar écht behoefte aan is en geen grand scheme ontwerpen en vervolgens constateren dat daar geen gebruik van wordt gemaakt. Ontnuchterend in dit opzicht was het overzicht dat de Australiër Ian Johnson presenteerde als het lijstje behoeftes van de gemiddelde geesteswetenschapper:

  • voor zoeken: een browser
  • voor vinden: Amazon
  • voor schrijven: Word
  • voor presenteren: PowerPoint
  • voor archivering: Google Docs

En dus niet al die fancy digitale tools, utilities en gadgets waar digital humanities toch vaak in uitblinkt.

Uiteraard zei Johnson dat met een knipoog. Zelf is hij druk bezig een prachtig overzicht van digitale hulpmiddelen samen te stellen, Heurist. En in het kader van Project Bamboo wordt er teruggegaan naar de basis: geesteswetenschappers worden zelf bevraagd over waar hun behoeftes liggen op het terrein van technologische, digitale ondersteuning van hun onderzoek. Kernvraag: what are people using and what are they satisfied with?

P.S. met mijn zwarte Packard Bell met Windows Vista val ik behoorlijk uit de toon bij al die kekke, witte en zilveren Macs in alle maten en diktes, uiteraard voorzien van Firefox. Een Sony Vaio kan ook nog wel, maar die Pack… Gelukkig leen ik ‘m alleen maar.😉

1 comment so far

  1. Laval on

    Hiermee heb je redelijk te pakken, Bert, wat er überhaupt aan de hand is met “digitale geesteswetenschappen” ( en ook waarom de waarde van zo’n congres nogal twijfelachtig is — behalve wellicht als een forum voor het vergelijken van schootcomputers ). Op het eenvoudigste vlak : (te?) veel (technology) push en (te?) weinig (market) pull. Het is een oud verhaal, maar je zou denken dat tenminste echte (goede) geesteswetenschappers er niet zo gauw in zouden gaan trappen. ( En volgens mij doen zij dat ook niet. ) Het is ook een ingewikkeld discursief probleem — maar laten wij daar niet op ingaan, toch ?


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: