Archief voor augustus 2008 | Maandelijkse archief pagina

2007 geboekstaafd

Vandaag via de universitaire snail mail een gedrukt exemplaar van het jaarverslag over 2007 van de UvA ontvangen; het staat inmiddels ook op de website. Het blijft een beetje vreemd, 2008 zit er tenslotte al voor twee-derde op en in het bedrijfsleven heeft men de presentatie van de halfjaarcijfers over de eerste zes maanden van 2008 al achter de rug. Maar goed, ook als bibliotheek slagen we er maar niet in dergelijke verslagen veel sneller af te leveren. We waren dit jaar overigens wel ruim twee maanden eerder dan onze broodheer en de ambitie is geformuleerd om het eerstvolgende jaarverslag al in april te presenteren. We zullen zien.

En het verslag zelf dan? Zo’n 20 pagina’s tekst en 15 pagina’s cijfermateriaal worden afgewisseld door 12 interviews met bestuurders, wetenschappers en onze eigen Judith Belinfante. De laatste natuurlijk vanwege de oplevering van de Bibliotheek Bijzondere Collecties in mei 2007. Veel aandacht voor de mooie prestaties die in 2007 gerealiseerd zijn, maar de belangrijkste zin is misschien wel de laatste: “Het gunstige (financiële) resultaat over 2006 en 2007 mag niet verhullen dat de UvA door het mechanisme van de verdeling van de rijksbijdrage de komende jaren financieel zeer krappe tijden zal kennen.” Dat horen we de laatste weken iets te vaak…

Één opvallend feit uit het cijferoverzicht: de UvA blijkt niet in staat over 2007 het aantal wetenschappelijke publicaties op te hoesten. Het is het enige cijfer dat in al die tabellen ontbreekt. Dat maakt de verantwoordelijkheid die de UB op zich heeft genomen m.b.t. het universitaire onderzoeksregistratiesysteem Metis alleen maar groter. Een dergelijk cijfer zal volgend jaar niet opnieuw mogen ontbreken.

Oeps: volgens het verslag zou de UB zelf in 2006 slechts twee wetenschappelijke publicaties afgeleverd hebben. Dat kan niet kloppen. We zullen dus de hand ook nog in eigen boezem moeten steken…

IO en ADT

In de rubriek Lifehacking van nu.nl vandaag vijf suggesties om nog makkelijker, veiliger en succesvoller te bloggen met WordPress. Ik hoop daar ook m’n voordeel mee te gaan doen en vooral de tijdwinst te boeken die Blogdesk belooft.

Waarom? Ja, ook ik heb last van Information Overload en ook ik moet woekeren met m’n tijd. Daarom toch ook maar een halfuurtje gestoken in het doorlezen van Being Wired or Being Tired: 10 Ways to Cope with Information Overload van Sarah Houghton-Jan, beter bekend als de LibrarianInBlack. Een lange lijst tips en trucs om in de hedendaagse informatiemaatschappij niet alleen te overleven, maar zelfs af en toe een moment van totale rust te ervaren. Het is met dit soort artikelen altijd: alle tips opvolgen is onmogelijk, maar er uitfilteren wat in je eigen werksituatie toepasbaar is levert altijd wel enig resultaat op. Schedule Unscheduled Work ga ik toch een keer uitproberen. Er zijn van die zaken die uitgesteld blijven worden vanwege andere (altijd dringender) verplichtingen; misschien is dit een methode om daar toch meer grip op te houden. Have a communication etiquette class for your co-workers (hoe nuttig ook wellicht) en Work = Work; Home = Home zijn ook aantrekkelijk maar waarschijnlijk minder makkelijk te realiseren. En ondertussen blijft de Attention Deficit Trait op de loer liggen…

Opleidingscommissie (op herhaling)

Vanmorgen ons opnieuw gebogen over de actualisering van ons opleidingsplan, waarbij dat ‘ons’ staat voor alle bibliotheken van de UvA. Geconstateerd dat we ons inmiddels eigenlijk moeten gaan richten op de jaren 2009-2010 in plaats van 2008-2009. Het grootste gedeelte van het jaar is al voorbij en voor de resterende maanden van 2008 slagen we er niet meer in een gestructureerd programma te organiseren. Dat betekent overigens zeker niet dat er in 2008 niets aan gezamenlijke opleidingstrajecten is gedaan; integendeel. Het hele lange voorjaar heeft in het teken gestaan van het inmiddels in Nederland wereldberoemde Spoetnik-programma, waar vanuit alle onderdelen van de bibliotheekorganisatie met veel enthousiasme aan is deelgenomen. Het wachten is nog op een afrondend symposium, waar ook de volgende stap gezet kan worden: hoe nu verder met al die verworven kennis en ervaring? Welke web 2.0-toepassingen kunnen we op een efficiënte en effectieve wijze inzetten in onze ondersteuning van onderwijs en onderzoek? En er heeft ook een heel succesvol traject coachend leidinggeven voor teamleiders plaatsgevonden. De betrokkenen hebben elkaar inmiddels gevonden in een min of meer permanente intervisiegroep.

Maar goed, voor de komende twee jaren moeten er nieuwe plannen gemaakt worden. Ik ga samen met Wijbrand Bus een definitieve versie zien te schrijven waarin alle opmerkingen van de andere leden van de opleidingscommissie ook verwerkt moeten worden. Vervolgens kunnen we met het geplande aanbod alle sectorhoofden en faculteitsbibliothecarissen gaan bevragen naar hun inschatting van het aantal deelnemers aan de verschillende programma’s. En daarna volgt dan weer de altijd cruciale vraag: hebben we daarvoor de komende twee jaar voldoende financiële middelen beschikbaar? Maar schreef ik niet een aantal maanden geleden “op het opleidingsbudget wordt niet beknibbeld”? Dat uitgangspunt moeten we ook in de wat soberder tijden, die ons volgens collegevoorzitter Karel van der Toorn in de komende jaren te wachten staan, zien overeind te houden.

Bijblijven

“Handig joh, die (dat?) blog van jou. Zo word ik tenminste nog eens geattendeerd op interessante artikelen”, aldus een van mijn directe collega’s. En gelijk heeft hij: al zijn we allemaal, althans in naam, informatieprofessionals en al weten we beter dan wie dan ook hoe je met profielen, alerts, rss feeds en weet ik niet wat voor andere mooie hulpmiddelen op de hoogte kunt blijven van de laatste ontwikkelingen op ons vakgebied, in de dagelijkse praktijk gaat het toch allemaal heel wat minder georganiseerd en ben ook ik blij met tips van collega’s tijdens een vergadering, in de wandelgangen of, inderdaad, via een blog.

Via de laatste weg kreeg ik een artikel van al weer bijna een jaar geleden onder ogen van Peter Brophy, ‘Communicating the library: librarians and faculty in dialogue’, eerder gepresenteerd tijdens een conferentie in Hong Kong over het onderwerp The Academic Librarian: Dinosaur or Phoenix? Brophy onderscheidt in zijn artikel vijf nieuwe, mogelijk nieuwe, rollen voor de wetenschappelijke bibliotheek:

  • Embedding the library in learning
  • Promoting literacies
  • Publishing the outputs
  • Integrating environments
  • Curating the data

Mogelijk nieuwe rollen, want de bibliotheken zullen daar volgens Brophy alleen in slagen indien aan twee voorwaarden wordt voldaan: bibliothecarissen zullen zich de taal eigen moeten maken van diegenen die zij faciliteren (“one of the most critical problems facing librarians at the present time is the ability to use the langauge of their customers and clients”) én zij zullen zich moeten verdiepen en bekwamen op pedagogisch en ondersijskundig vlak (“Librarians need to develop a much deeper understanding of how learning happens, of pedagogical theory and practice.”). En dat alles vereist de bereidheid en de capaciteiten om te veranderen. “They need to embrace change” roept Brophy, ruim voordat Barack Obama daar om begon te vragen.

Meteen nog maar een leestip: over hetzelfde onderwerp is net een nieuw rapport verschenen van de Amerikaanse Council on Library and Information Resources (CLIR): No Brief Candle: Reconceiving Research Libraries for the 21st Century. Vraagt wat meer tijd dan het artikel van Brophy, dus kom ik misschien later nog eens op terug.

Bert en Bert

Afgelopen donderdag eindelijk de gelegenheid om bij te praten met Bert Gazendam, faculteitsbibliothecaris voor de faculteiten Economie en Bedrijfskunde (FEB) en Maatschappij- en Gedragswetenschappen (FMG). Voor de zomervakantie kon hij niet meegenomen worden in het rondje faculteitsbibliotheken omdat hij toen bezig was aan vier maanden durende trip rond de wereld. Jaloersmakend, als je nu de verhalen hoort (en als je dat door zijn blog al niet geworden was).

Bert heeft zo’n twee jaar geleden deze functie op zich genomen met als een van de belangrijkste opdrachten voor de komende jaren de fysieke en personele integratie zien te realiseren van de nu nog op twee locaties gevestigde faculteitsbibliotheken voor FEB en FMG (resp. de Pierson Révész Bibliotheek en de Bushuisbibliotheek). In het masterplan huisvesting van de UvA is na de oplevering van de nieuwbouw voor de bèta-faculteit in de Watergraafsmeer de concentratie van alle gamma-faculteiten, inclusief bijbehorende bibliotheken, op het Roeterseiland voorzien. Over 2 à 4 jaar moet dat z’n beslag gaan krijgen, dus enerzijds tijd genoeg om de integratie en verhuizing goed voor te bereiden maar anderzijds zijn dit gecompliceerde processen die ook ruim de tijd vragen.

Lang stilgestaan bij de methode die we zullen gaan hanteren om ook bij de faculteitsbibliotheken FEB en FMG een uniform plaatsingssysteem voor de open opstelling te kunnen invoeren op basis van de Dewey Decimal Classification. Bert heeft daarbij het voordeel dat de twee collecties waar het bij hem om gaat al sprake is van een gezamenlijk plaatsingssysteem op basis van de Nederlandse Basisclassificatie. Van het ene systeem moet hij dus overstappen naar het andere. Bij Geesteswetenschappen ligt dat wat anders. Op de vier locaties waar nu nog collecties Geesteswetenschappen in open opstelling staan zijn niet minder dan 34 verschillende plaatsingssystemen in gebruik, de erfenis van de veel geïdealiseerde huisvestingssituatie van zo’n 30 à 40 jaar geleden toen elke opleiding kon beschikken over een riant grachtenpand met de bibliotheek vaak als kloppend hart in het midden. In de afgelopen decennia heeft er weliswaar een aanzienlijke concentratie van de faculteit plaatsgevonden in een beperkt aantal panden, en ook concentratie van bibliotheekvoorzieningen, maar met instandhouding van alle variëteiten in plaatsingssystemen die op al die verschillende plekken, en met alle goede bedoelingen, zijn uitgedacht en geïmplementeerd. Grote opdracht voor de komende jaren is om dat op een gezamenlijke noemer te brengen en tot één geïntegreerde collectie Geesteswetenschappen te komen. Met Bert afgesproken dat we wat dit onderwerp betreft intensief samen zullen werken en van elkaars expertise zullen zien te profiteren.

Burn Down the Library?

Gisteren met een groep medewerkers de plannen voor de nieuwbouw van de UB/Geesteswetenschappen op het Amsterdamse Binnengasthuisterrein weer eens tegen het licht gehouden. Na een aantal jaren van stilstand is er sinds het begin van dit jaar weer sprake van vooruitgang in de plannenmakerij. Het stadsdeel Centrum heeft zich dit voorjaar achter de plannen geschaard en met die steun in de rug heeft het CvB vlak voor de zomer de aanvragen ingediend voor de vergunningen die noodzakelijk zijn voor de nieuwbouw. Controversieel onderdeel daarvan vormt de voorziene sloop van twee panden op het Binnengasthuisterrein die op de monumentenlijst staan.

Het Programma van Eisen voor de nieuwbouw dateert al weer van zo’n tien jaar geleden; het definitieve ontwerp van het architectenbureau Cruz y Ortiz (Rijksmuseum!) van vier jaar geleden. Aan dat ontwerp valt, zeker aan de buitenkant, niets meer te wijzigen. Waar we nog wel naar kunnen kijken is de beschikbare ruimte voor de verschillende functies die in het gebouw zijn gepland en de plaats in het gebouw waar die functies het best tot hun recht komen. Zo’n 19 kilometer boekenplank voor de open opstelling van de nu nog over vier locaties verspreide geesteswetenschappelijke collecties én zo’n 1.000 studieplaatsen voor de voorziene ‘campus binnenstad’ zijn de twee pijlers onder het ontwerp en met name het ruimtebeslag voor de open opstelling is heel gezichtsbepalend voor het interieur. Vraag die zich nu natuurlijk opdringt is: moeten we nu, voor een gebouw dat mogelijk over zo’n vijf jaar z’n poorten zal openen, nog steeds die hoeveelheid ruimte reserveren voor de open opstelling? Hoe relevant zijn de uitgangspunten van tien jaar geleden nog?

Voor iemand als Adrian Sannier, Chief Technology Officer van Arizona State University, zijn dat inmiddels overbodige vragen. In zijn keynote op de conferentie Campus Technology 2008 pleitte hij, uiteraard ook om de zaal flink te prikkelen, voor ‘burn down the library’  en ga in hemelsnaam niet nu nog een nieuw boekenpaleis bouwen. ‘C’mon, all the books in the world are already digitized.’! Toch?

(met dank aan ACRLog)

Nog een lijstje

Kon vorige week de vlag in top in Leiden, gisteren was het de beurt aan Utrecht. Het bericht sierde zelfs een groot gedeelte van de dag de indexpagina van Teletekst-nieuws: de Universiteit Utrecht is nog steeds “de beste universiteit van Nederland”. In de jaarlijkse ranglijst van universiteiten die wordt samengesteld door de Chinese Jiao Tong universiteit uit Shanghai staat Utrecht in 2008 op plaats 47 als de hoogst genoteerde Nederlandse universiteit. Verder treffen we uit Nederland alleen Leiden bij de eerste honderd aan op plaats 76. De beide Amsterdamse universiteiten en Groningen bezetten met nog 47 andere universiteiten gezamenlijk de plaatsen 101-151, een nogal onbevredigende ex aequo-notering waar door die Chinezen toch best wat meer variatie in aangebracht zou kunnen worden. Maar voor de Utrechtenaren was het weer voldoende reden voor een ronkend nieuwsbericht. Onze eigen UvA kon slechts sip melden dat Utrecht ons weliswaar opnieuw is voorgebleven, maar dat op de deelranglijst voor de sociale wetenschappen de UvA gelukkig wél de beste van Nederland is.

Deze lijst van de Jiao Tong universiteit verschijnt overigens dit jaar voor de zesde keer. En voor de zesde keer is Utrecht de beste Nederlandse universiteit, staat de UvA op de 101-150e plaats en wordt de ranglijst aangevoerd door Harvard University. Niets nieuws dus onder de zon. Wachten dus maar weer op de volgende ranglijst (je kunt in deze Olympische weken ook weinig anders doen); ik geloof dat die van Times Higher Education er ook binnenkort weer aan zit te komen.

Web 2.0, duh!

 

Iedereen kent inmiddels wel dit fameuze YouTube-filmpje over Web 2.0. Meer dan zes miljoen keer bekeken inmiddels.

Maar er zijn veel meer van dit soort animatiefilmpjes over 2.0-toepassingen. Het bedrijfje Commoncraft heeft inmiddels een hele reeks beschikbaar gesteld, variërend van RSS in Plain English tot Google Docs in Plain English. Basaal, maar altijd handig (en leuk) om op terug te kunnen vallen.

Nieuw lijstje

In januari van dit jaar verscheen de eerste versie van de Ranking Web of World Repositories. Een ranglijst van disciplinaire en institutionele repositories gebaseerd op hun omvang, het aantal links naar de repository, de hoeveelheid aanwezige full text en de actualiteit van het beschikbare materiaal samengesteld door het Spaanse CybermetricsLab. Veel van dit soort lijstjes worden gedomineerd door Amerikaanse instellingen en dat gold voor deze al niet anders. Maar op de 34e plaats schitterde als eerste Nederlandse repositorium, om de Leidse benaming maar meteen te gebruiken, DSpace at Leiden University. Het was in ieder geval aanleiding tot een enthousiast nieuwsbericht op de Leidse bibliotheek-site én schouderklopjes voor UBL-bibliothecaris Kurt De Belder van zijn UKB-collega’s.

De vlag kan nu opnieuw in top in Leiden. Want in de geactualiseerde, juli-versie van de Ranking Web of World Repositories is Leiden van plaats 34 gestegen naar plaats 21, ver voor alle andere DAREnet-collega’s uit Nederland. Twente volgt op plaats 58, de VU op 59 en ons eigen Amsterdamse DARE pas op nummer 161. Dat zou toch beter moeten.

Knars, piep, kraak

Ja, ik ben weer terug van vakantie maar de afgelopen week nog niet aan bloggen toegekomen. Andere zaken vroegen toch echt even eerst mijn aandacht, maar nu moet het er maar van komen: tijd om de kar krakend en piepend weer op gang te brengen. Tenslotte vanmorgen tijdens mijn eigen jaargesprek niet te horen gekregen dat dit geen nuttige activiteit zou zijn.

Ik ben overigens aangenaam verrast door het feit dat de raadpleegcijfers in de afgelopen weken niet helemaal ingestort zijn na de gestage groei in de voorafgaande maanden. Ook zonder nieuwe posts hebben genoeg lezers gedurende de ‘zomersluiting’ Een beetje adjunct blijkbaar weten te vinden. Een reden te meer om de draad dus weer met enthousiasme op te pakken. Maar eerst nog wel even een onderwerp bedenken voor m’n eerste echte post-vakantie post…

En oh, eh, Wouter, Aart Zeeman is die wat steile presentator van de NCRV. Geen familie, maar blijkbaar moet ik nog wat aan m’n naamsbekendheid werken. ;-)