Archief voor 27 juni 2008 | Dagelijks archief pagina

Oulu: dag 2

Gisteravond toch nog even zitten lezen. Een artikel van Patrick Juola over killer applications die digital humanities eindelijk de status zullen geven die het verdient. Het artikel is een bewerking van een presentatie op DH2006 en is nu, bijna twee jaar later!, in druk verschenen in Literary & Linguistics Computing, met (voorheen) Computers in the Humanities het belangrijkste tijdschrift in het vakgebied. Juola maakt zich sterk voor een applicatie die een goede index van een monografie kan maken, een annotatietool (“annotation is a crucial step in recording a reader’s encounter with a text, in developing an interpretation, and in sharing that interpretation with others.”) en een voor geesteswetenschappers geschikte tool om bronnen te ontdekken. De ontwikkeling van dergelijke killer apps zijn volgens Juola essentieel voor een doorbraak van digital humanities naar mainstream humanities. Hmm.

De Text Encoding Initiative wordt als een van de succesnummers van de digital humanities community bschouwd. De afspraken die zijn gemaakt, en nog steeds gemaakt worden, over de wijze van mark up van teksten hebben hun waarde meer dan bewezen in de afgelopen jaren. Toch blijft het gebruik van TEI beperkt tot een betrekkelijk kleine gemeenschap, die vanmorgen o.m. stil stond bij de verworvenheden van de laatste versie, P5. Daaruit bleek nog maar eens duidelijk dat voor een bredere verspreiding van TEI de initiële inspanning die geleverd zal moeten worden door diegene die TEI wil gaan gebruiken waarschijnlijk nog steeds te groot is. En dat zal die bredere verspreiding en toepassing in de weg blijven staan. Denk aan het lijstje van toepassingen van Johnson van gisteren: gebruik daarvan vereist geen ellenlange handleidingen en geen enkel technisch inzicht, en dus zijn juist zij zo succesvol.

Overigens, TEI is open source, door iedereen vrij te gebruiken. Open source lijkt sowieso in de wereld van digital humanities een belangrijker rol te spelen dan open access. De hierboven genoemde flagship journals zitten achter de betaalmuren van Oxford UP en Springer. De eerlijkheid gebiedt wel te zeggen dat er sinds een jaar nu een eigen open access tijdschrift is, de Digital Humanities Quarterly, maar wat meer aandacht voor OA zou geen kwaad kunnen.

Quote of the day? Vooruit, twee quotes vandaag:

  • “Arianna is the PC, I am the book”. (Tamara Lopez van King’s College over haar samenwerking met Arianna Ciula bij de realisering van een gelijktijdige papieren en digitale editie van de Henry III Fine Rolls)
  • “Listen to the users!” (Claire Warwick in haar zoveelste pleidooi om via etnografisch onderzoek zicht te krijgen op hoe geesteswetenschappers daadwerkelijk onderzoek doen)

Caroline, ook in Oulu!

Impressies van een reisgenote:

Natuurlijk is het geweldig leuk om in Finland te zijn, waar ik nooit eerder geweest was. Schande voor een Scandinavist natuurlijk! Opvallend trouwens – helaas voor mij, maar ik had het ook wel een beetje verwacht - het weinige Zweeds waar je hier mee terecht kunt. Zelfs hier aan de universiteit, die zich er op laat voorstaan de enige in Finland te zijn die behalve een humaniorafaculteit er ook een voor technologie heeft, is het Zweeds ver te zoeken. Maar daarvoor zijn we natuurlijk ook helemaal niet hier! Hoewel: in dit kader is het toch leuk om te vertellen over mijn kennismaking met drie Fins-Zweedse leden van het voor Scandinavisten belangrijke Finse genootschap voor de Zweedse literatuur, Svenska Litteratursällskapet i Finland. Zij zijn vooral hier i.v.m. een van hun nieuwste projecten, de uitgave van het verzameld werk van de Finse auteur Zacharias Topelius. Bedoeling is dat Topelius’ werk zowel in print als digitaal zal verschijnen. Voor mij interessant nieuws, hoewel het nog een flink aantal jaren – ze hadden het over 2016 – zal duren voor de editie compleet is.

Wat voor sessies heb ik zoal bezocht? Gisteren, donderdag, een paneldiscussie over sustainability in digitale humaniora. Probleem dat steeds weer werd genoemd was het gebrek aan fondsen. Øivind Eide van de Universiteit van Oslo besprak de technische, organisatorische en wetenschappelijke oplossingen die zijn instelling voor het “definitief” opslaan van museaal, cultureel erfgoed meent te hebben gevonden. Belangrijk bijvoorbeeld is volgens hem het regelmatig updaten van de inhoud, maar ook open en transparante standaarden Een individu kan dit niet alleen, die heeft een grotere organisatie achter zich nodig en hier komt de bibliotheek “om de hoek kijken”. Maar ook bijvoorbeeld: conservatoren en wetenschappers zouden zich er nog meer van bewust moeten worden dat zij samen moeten werken aan het opslaan van onvervangbaar materiaal. Tijdens de discussie werden vervolgens veel andere, soms ook technische, aspecten besproken van het tijdig opslaan van collecties, en de relaties met metadata m.b.t. collecties en items in die collecties. Vaak ging het ook over designing en minder over sustaining. En ook: zorg ervoor dat de opgeslagen informatie waardevol is voor heel veel verschillende groepen, voor verschillende doeleinden en bruikbaar met behulp van verschillende tools. Uiteraard kwam ik bij deze sessie ook mijn drie nieuwe kennissen tegen.

Interessant voor onze collega Lidie is denk ik de presentatie gisteren over een lopend project: Talia: a research and publishing environment for Philosophy scholars. In Talia worden de corpora van grote filosofen opgeslagen, de zgn. sources. Hieraan toegevoegd worden zaken als commentaren, afbeeldingen, enz. Taal van de interface is Latijn of Duits, afhankelijk uiteraard van de filosoof. Taal van de ontologieën is Engels. Wanneer in sommige archieven verschillende versies van dezelfde paragraaf worden bewaard, worden de gebruikers van de database nu in staat gesteld de evolutie van die filosofische mening te volgen. Uiteraard hopen de makers van de database dat wetenschappers bereid zullen zijn hun manuscripten naar de editorial board voor peer reviewing te zenden voor publicatie in Talia.

Een andere opvallende sessie gisteren ging over digitale tekstedities en de mogelijkheden en onmogelijkheden van het web daarbij. Het prachtige, al wat langer bestaande, Heine-portal werd gedemonstreerd. Daarna ging het over nieuwe projecten door enthousiaste “jonge honden”. Deze trokken een werkelijk overvolle zaal: stoelen werden bijgesleept, achterin stonden mensen anderhalf uur tegen een muur. Het aanstekelijke enthousiasme van bijvoorbeeld een van de medewerkers aan Telota maakte kennelijk dat niemand daar enige last van had. Deze Alexander Czmiel vertelde over zijn nieuwe tool, waarbij digitale tekstedities veel makkelijker dan tevoren mogelijk worden. Tenminste: hij hoopt de wetenschappers te overtuigen van de waarde van zijn tool en van de mogelijkheden niet in print maar digitaal teksten te publiceren. Een ander, Samuli Kaislaniemi, demonstreerde het project DECL (Digital Editions for Corpus Linguistics) waarbij digitale edities van historische manuscripten gemaakt worden, die tegelijkertijd corpora voor linguistisch onderzoek zijn. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Morgen verder!

Couleur locale

Afgelopen weekend was het hier midzomernacht. De afgelopen dagen werden de nachten nog steeds korter, maar nu is geloof ik het keerpunt echt bereikt. Wat merk je daar nu van? Nou, vooral dat het echt lang licht blijft. Als je om twaalf uur ’s nachts naar buiten kijkt en het is nog steeds gewoon licht, dan is dat toch wel een rare ervaring. Gedurende de avond heb je geen enkele prikkel (afgezien van vermoeidheid) om naar bed te gaan. Gelukkig hebben de kamers hier in het hotel verduisteringsgordijnen, dus gewoon slapen is geen enkel probleem. Ook het weer draagt daar overigens aan bij: het is de hele tijd bewolkt, het miezert af en toe stevig en we moeten het vooralsnog met een temperatuur van 10 à 12 graden doen. Zomer in Oulu!

En dan natuurlijk dat Fins. Echt geen touw aan vast te knopen. Caroline kan zich soms nog een beetje redden omdat er toch redelijk wat informatie ook in het Zweeds wordt gegeven, maar als dat niet gebeurt zijn we geheel ‘verloren’. Zelfs hier op de universiteit gaat (bijna) alles alleen in het Fins. Enig idee wat hieronder staat?